‘De partner van’ bij een burnout

Harmonie

“Had jouw vrouw iets anders kunnen doen dan ze gedaan heeft?” Dat was één van de vragen die me gesteld werden nadat ik mijn verhaal in groep gedeeld had en we samen op zoek gingen naar manieren om stress en burn-out aan te pakken. En of ik adviezen had over hoe je best omgaat met iemand die stevig op zoek is naar zichzelf. Je kunt uiteraard niet iedereen op dezelfde manier aanpakken. Maar ik ga ervan uit dat je elkaar als partner kent en weet hoe je respectieve karakters geboetseerd werden. De basiskunst is volgens mij om er in eerste instantie gewoon voor elkaar te zijn. Zonder meer. Om dan met voldoende aandacht voor ieders eigenheid en behoeften de klei die je afzonderlijk vormt maar ook met elkaar verbindt zacht te bewerken zodat kleine scheurtjes geen kans krijgen om (emotioneel) uit te drogen en onherstelbare barsten te veroorzaken.

Met dat in het achterhoofd nodig ik je uit om even naar het eerste stukje (tot 06:20) van dit muziekstuk te luisteren, het te beleven, in je op te nemen en in je gedachten te parkeren of zelfs echt te noteren wat het met je doet. Of luister terwijl je doorleest, experience writing zal ik dat dopen, als uitdaging om deze blogkronkel met al je zintuigen tegelijk te voelen.

Het symboliseert hoe vrouwlief er voor mij geweest is. Want soms zegt muziek meer dan de letterreeksen die ik op mijn manier orden, ook al gaf onze oudste zoon mij ooit één van de mooiste complimenten door te zeggen dat ik geen instrument hoef te leren spelen omdat ik via woorden muziek maak – hij speelt contrabas en ik had hem gezegd dat ik er ooit van droomde op de piano te tokkelen. Er is maar één stem of instrument nodig om muziek te maken. En dat kan ontzettend mooi klinken. Maar hoe mooi is het wanneer verschillende instrumenten of melodielijnen in elkaar over- en samenvloeiend één geheel vormen. Waarbij je bijvoorbeeld de bas pas hoort als ze er niet meer is.

In dit klassieke stuk beschouw ik vrouwlief als de rustige basismelodie. Die wordt met de wispelturigere lijn van mezelf geconfronteerd, die duidelijk van hoog naar laag fluctueert om even te verdwijnen, als het ware in zichzelf te keren en dan terug op te duiken. Het lijkt onmogelijk voor haar om die tweede melodie tot rust te brengen omdat ik koppig in mijn eigen ritme blijft spartelen. Toch blijft ze er gewoon zijn en probeert ze me zachtjes tot rust te brengen. Terwijl ik heen en weer zweef en buiten de atmosfeer terecht dreig te komen, doet zij er alles aan om mij te laten landen, te doen thuiskomen. Ik blijf het moeilijk hebben om in de juiste melodie terecht te komen. Voel je hoe haar kracht toeneemt en ze me op een steeds sterkere manier maar trouw aan haar eigen klanken naar zich toetrekt? Tot ik op een bepaald moment eerst heel ver weg ben (net voor de crash) om dan toch eindelijk veilig in haar lachkuiltjes te landen (besef, kwetsbaarheid tonen).

Het was voor haar een ferme opluchting dat ik eindelijk loskwam van mezelf en daarmee meteen ook dichter tot mezelf en terug tot haar kwam. Tot ons. Ik herinner me dat ik aan het fornuis in de soeppot aan het roeren was toen ze thuiskwam om te lunchen en me vroeg hoe het bij de dokter geweest was – de dag in november 2014 waarop ik ’s ochtends bij de dokter kraakte. Dat ik niks over mijn lippen kreeg en enkel kon huilen. Ik herinner me hoe ze me bijstond tijdens de zoektocht en we beide meer over onszelf en elkaar leerden. Ik herinner me dat we op haar initiatief samen naar een lezing over hooggevoeligheid gingen en tot besef kwamen dat het voor ons beide boenk erop was. Dat we erover praatten. Ik herinner me hoe we een hele tijd nadat ik de draad weer opgenomen en de juiste melodie gevonden had in de badkamer stonden en ze vroeg of ik het achteraf gezien erg vond dat ik zo hard tegen mezelf aangelopen was. Ik vertelde dat ik daar eigenlijk blij om was. Zij deelde dat gevoel. Ook voor ons. Het doet me denken aan die keer dat ik fysiek aan tafel zat maar mentaal ergens tussen de planeten uit het muziekstukje vertoefde. Ze begon iets tegen me te vertellen, stopte bewust met praten en ik had het niet eens door. Het leek wel of mijn zintuigen uitgeschakeld waren. Zonder zin. Zinloos.

Iemand die op mijn boek reageerde, haalde aan dat zijn partner qua karakter anders in elkaar zit dan hijzelf en dat hij daar eigenlijk blij om is want ze is door haar nuchterheid voor hem een rots in de branding. Vrouwlief en ik liggen karakterieel veel dichter bij elkaar. Ik noem haar mijn veilige thuishaven. Ze heeft me de ademruimte gegeven en voor bezinning gezorgd. Het zal nooit gebeuren dat er geen vers gemaakte soep in onze diepvriezer zit. Op zich is bewust koken al een vorm van mindfulness. Wanneer ik de groenten snijd of in de pot roer, denk ik met dankbaarheid terug aan onder andere dat kantelmoment in 2014. En aan haar zachte vastberadenheid. Vrouwlief vertrouwde me lang geleden toe dat ze ervan overtuigd was dat ik naar haar gestuurd was om er voor haar te zijn. Een rustpunt. Als ik daar nu aan terugdenk, zou ze wel eens gelijk kunnen hebben, hoewel ik dan eerder geloof dat zij naar mij gestuurd is.

Mijn antwoord op de vraag of vrouwlief iets anders had kunnen doen dan ze gedaan heeft, was dus een volmondige nee. Als ik het er met haar over heb, zegt ze dat ik er zelf uitgeraakt ben en dat ze eigenlijk niets gedaan heeft. Dat ik haar te veel eer aandoe met hoe ik het verwoord. Wat haar temperament en empathie ten volle bevestigt want het is voor haar de meest natuurlijke eigenschap om er gewoon te zijn en begrip te tonen. Met af en toe een zacht duwtje dat ze toen misschien niet eens besefte en waar ik haar nu aan kan herinneren. Zelf had ze niet echt de behoefte om er (veel) met anderen over te praten. Anderen hebben dat misschien wel. Op één of andere manier is het toch een rollercoaster van emoties waarin je meegezogen wordt en waarbij je karakter of de mate waarin je het leven al ontmoet hebt mee bepalend zijn voor de manier waarop je er als partner mee omgaat. Ik heb vrouwlief kunnen overtuigen dat complimenten heus wel aangenomen mogen worden en we hebben samen uit dat niets toch drie adviezen gedistilleerd:

1. Begrip tonen, empathisch zijn – Veilige thuis, rustpunt – Communiceren: luisteren, praten, geruststellen.
2. In de mate van het mogelijke ontzorgen – Ademruimte geven zonder de ademhaling helemaal over te nemen – Zachtjes activeren zonder te forceren.
3. Verder doen – Gezin en eigen context – Niet in zelfbeklag wentelen.

“Op weg naar wijsheid is de eerste stap stilte; de tweede luisteren; de derde onthouden; de vierde oefenen; de vijfde onderwijzen aan anderen.” (Solomon Ibn Gabirol)

Tijdens een mooie wandeling eerder dit jaar, in de bossen van het Westerlose Merodegebied met een kennis die er net als ik in geslaagd is om haar mess in een message om te zetten (Frouke is nu bore-out coach), kwam ook het onderwerp ‘partner van’ ter sprake. We vroegen ons af of er al een boek of blog bestaat van iemand die ervaren heeft hoe het voelt om een graag geziene wederhelft te zien afglijden en herstellen. Want daar zit vast en zeker een herkenbare leidraad voor anderen in. Beschouw het als een oproep om te reageren, waarbij ik me graag ter beschikking stel om jouw tips op één of andere manier verbindend te delen.

Als je in een koppel een duet of met je kinderen bijvoorbeeld een kwartet of kwintet vormt, zijn we als wereld één groot orkest met onnoemelijk veel instrumenten en melodielijnen. Op zoek naar begrip, harmonie en dialoog in onszelf en met de samenleving. Dat betekent niet dat je een goede en harde (veel)prater moet zijn om te communiceren. Er wordt al genoeg aan woordverspilling gedaan. Praten zonder iets te zeggen en horen zonder te luisteren hebben weinig zin. Want dan wordt (de kracht van) de stilte beter niet verstoord.

“The song Sound of Silence is about the inability of people to communicate with each other, not particularly internationally but especially emotionally.” (Art Garfunkel)

De stilte, die oorverdovend mooi en veelzeggend kan zijn. Die vaak een eerste belangrijke stap is wanneer je flink uit de toon raakt. Als we goed luisteren, vinden we elkaar waar onze klanken hun notenbalken delen. Begin met samen stil te zijn. Niets te doen. Wandel. Maak eens met z’n tweetjes verse soep of iets anders. Zo raak je misschien makkelijker aan de praat over de oersoep in je hoofd.

Misschien mag er zoals bij mij persoonlijk wat trots losgelaten worden, maar besef dat er niets mis mee is om hulp in te roepen. Ik had een dubbele crash nodig om bij Myriam van attendo³ aan te kloppen. Het was één van de belangrijke stappen in het tonen van mijn kwetsbaarheid en om opnieuw te leren ademen. We hebben altijd contact gehouden. Toen ik bovenstaande tekst met haar doornam, gaf ze met veel warmte de volgende concrete tips indien jouw partner met een burn-out of andere vorm van identiteitscrisis te kampen heeft: in stilte elkaar vinden en (aan)raken, geen oordeel of druk, milde zachte aandacht met het gevoel ‘gevoeld en begrepen’ te worden, warme begripvolle ondersteuning met ruimte om verdriet, pijn en onmacht toe te laten, aanmoediging om het dagdagelijkse op te nemen, met respect voor de energiegrens, rust en ontspanning, (samen) actieve ontspanning inplannen, mindful ademruimte creëren met o.a. wandelen, fietsen, yoga en tuinieren, contact met natuur en muziek versterken, ruimte voor meer afstemming met kinderen, familie en vrienden. Het zijn adviezen vanuit de veronderstelling dat er een warme, verbindende partnerrelatie is. Als die emotionele ‘sync’ niet bestaat, kan de privécontext een burn-out zelfs versterken of aan de oorzaak liggen. Een wake-up call voor beiden dan.

Gastblog door Tommy Browaeys. Meer artikels op zijn blog: Waar je werkelijk ademt